Kick-off van Institute for Photonic Integration

Door de gigantische groei van onder meer online video en mobiele data, dreigt het internet vast te lopen, qua capaciteit en qua stroomverbruik. Fotonische chips, die werken op basis van lichtsignalen in plaats van elektrische signalen, zijn de oplossing. Maandag gaat het TU/e Institute for Photonic Integration van start. Met als eerste doel: ervoor zorgen dat internet snel blijft en duurzamer wordt.

Het Institute for Photonic Integration wil fotonische chips ontwikkelen die zuiniger zijn en veel meer capaciteit hebben dan de micro-elektronische chips die nu nog gangbaar zijn. Ze gaat wetenschappelijk onderzoek doen en prototypes ontwikkelen waarmee de industrie nieuwe fotonische producten naar de markt kan brengen. Dit in nauwe samenwerking met bedrijven en andere universiteiten, en met open innovatie, zodat de technologie zo snel mogelijk vooruit komt en de markt bereikt. Er zijn nu al zo’n driehonderd onderzoekers bij het instituut betrokken en dat aantal zal binnen vijf jaar verdubbelen. Hoofdopgaven van het instituut zijn onder meer het verder verkleinen van de chip-componenten, verlagen van het energieverbruik, meer functies bij elkaar brengen op een chip, en verlagen van de kosten.

De markt voor producten met fotonische chips groeit naar verwachting binnen twintig jaar naar honderden miljarden euro’s. Dat betreft niet alleen datacommunicatie, maar ook andere toepassingen. Fotonische chips zijn bijvoorbeeld geschikt om eigenschappen van materialen en weefsels te meten, waardoor allerlei nieuwe toepassingen in bijvoorbeeld de gezondheidszorg, de procesindustrie, veiligheid, mobiliteit en de agro-food mogelijk worden. “We staan nu op hetzelfde punt als met de micro-elektronica in de jaren zestig”, stelt hoogleraar Ton Backx, directeur van het instituut. “We konden toen niet vermoeden hoeveel invloed micro-elektronica op ons leven zou gaan hebben. Met geïntegreerde fotonica gaat hetzelfde gebeuren.”

Het Institute for Photonic Integration bouwt voort op TU/e-onderzoeksschool COBRA, die wereldwijd leidend is in de ontwikkeling van geïntegreerde fotonica en daarop gebaseerde systemen. Zo realiseerde het instituut onlangs nog ’s werelds snelste glasvezelverbinding, met 255 Terabit per seconde. Dat is genoeg om alle mensen op de wereld tegelijk te laten telefoneren. In 2013 kreeg COBRA een Zwaartekrachtsubsidie van 20 miljoen euro.

Ter gelegenheid van de start van het instituut is er een dagsymposium, met sprekers uit de wetenschap en uit de industrie. Een vooraanstaand spreker in het programma is Thomas Koch, lid van het management team van het American Institute for Manufacturing Photonics, en wetenschappelijk leider van het R&D-programma waar de VS 600 miljoen dollar in investeren. Meer informatie over het symposium staat op www.phisymposium.org.

Cursor schreef in februari een achtergrondverhaal over fotonica aan de TU/e.

Bron: Persteam TU/e

Deel dit artikel