Richard Engelfriet in de Blauwe Zaal. Foto | Han Konings

“Succesmethodes voor managers toetst men nooit”

Trainers, goeroes en schrijvers van bestsellende managementboeken. Voor Richard Engelfriet zijn ze vrij wild, waar hij graag op wil schieten. Want alle mooie methoden, kreten en technieken die ze de wereld in slingeren, zijn niet gebaseerd op enig onderzoek. Volle bak dus deze middag in het Auditorium voor een kritisch publiek van voornamelijk hardcore techniekstudenten.

Richard Engelfriet begint zijn voordracht - of mag je het ook een cabaretvoorstelling noemen? - met een simpel experimentje. Voor hem staat een beker en daarnaast staan twee bekers op elkaar gestapeld. Iemand uit het publiek moet zeggen wat weg moet en waar iets mee moet gebeuren: het ene bekertje of die twee op elkaar? Er ontspint zich een wat verwarrende woordenwisseling, maar uiteindelijk slaat hij het ene bekertje plat en onder de gestapelde bekers blijken omhoog staande spijkers te zitten. Het lijkt of de man uit het publiek bepaald heeft op welk bekertje Engelfriet moest slaan. Aan het eind van zijn lezing legt hij uit dat de beslissing altijd door hem wordt genomen, maar dat de schijn gewekt wordt dat dat niet zo is. “Wel goed opletten onder welke bekertje de spijkers zitten”, waarschuwt hij.

Engelfriet verdient al sinds 2001 zijn geld als dagvoorzitter, spreker, columnist en onderzoeker en is auteur van vele managementboeken, waarvan ‘De Succesillusie’, ‘Zo simpel kan het zijn’ en ‘Hoe vang ik een rat?’ de bekendste zijn. Deze middag haalt hij op uitnodiging van Studium Generale goeroes en trainers met succesformules onderuit. Engelfriet laat heel wat bekende succesformules uit de managementwereld de revue passeren.

“Het werken volgens de SMART-methode (wat aan de TU/e tijdens jaargesprekken ook wordt gedaan, red.) zou de kans op succes van een bedrijf aanzienlijk vergroten. Dat klinkt logisch, maar het is nooit echt onderzocht of dit ook werkelijk zo is. Vaak wordt verwezen naar een bekend onderzoek aan Yale University, maar dat blijkt een broodje-aapverhaal te zijn. Of de golden circles van Simon Sinek. Ook niet gebaseerd op onderzoek, maar op een verzameling anekdotes. Sinek haalt er ook nog de neurobiologie bij, maar onderzoekers op dat vakgebied zetten zijn theorie weg als totale onzin.”

Toeval

Andere mensen en je omgeving zijn volgens Engelfriet bepalend of je wel of geen succes hebt. En ook toeval is factor die volgens hem niet mag worden uitgesloten. “Van al die verhalen dat je moet knokken na tegenslag, of heel erg naar iets moet hunkeren om het waar te maken, is wetenschappelijk niet te bewijzen dat ze effect hebben, zoals je dat bijvoorbeeld wel kunt doen als het gaat om de werkzaamheid van een medicijn.”

Bijna alle boeken over het behalen van succes zijn volgens hem ook gebaseerd op opiniepeilingen waarbij alleen aan succesvolle personen voor de hand liggende vragen worden voorgelegd. Engelfriet: “Dat wordt later in de praktijk nooit getoetst. Toen ik een keer aan een schrijver van een managementboek vroeg hoe bepaalde zaken in opiniepeilingen aan de orde had gesteld, bijvoorbeeld over consciëntieus zijn, zei die dat hij gevraagd had of mensen wel een opgeruimd bureau hadden. Was dat zo, dan was je ook consciëntieus, en was je dat dan was je ook succesvol.”

Afsluitend zegt Engelfriet, van huis uit socioloog, dat er geen panklare methode is om succesvol te worden. “Natuurlijk mag je er altijd wel in geloven dat die er zijn, maar dan is het eigenlijk een soort religie.”

Deel dit artikel via je socials