CLMN UR | Waarom geen extra geld voor de student?

CLMN UR | Waarom geen extra geld voor de student?

21 oktober 2016

De derde dinsdag van september: een dag met gekke rituelen, nog gekkere hoofddeksels én de Miljoenennota. Na enkele sombere jaren kon het kabinet dit jaar een positievere boodschap verkondigen: Nederland is sterk uit de crisis gekomen. Er ligt een stevige basis voor de toekomst en de koopkracht gaat erop vooruit. Hoewel, niet voor iedereen.

Tientallen miljoenen naar terrorismebestrijding, honderden miljoenen naar de zorg en ruim een miljard extra voor gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden. Iedereen krijgt een extraatje van dit kabinet, maar over studenten wordt met geen woord gerept, terwijl de koopkracht van studenten hard achteruit is gegaan.

Laten we eerst de cijfers eens nader bekijken. Aan de uitgavenkant allereerst de stijging van het collegegeld. Wie in 2012 begon met studeren, betaalde 1.771 euro collegegeld, maar dit jaar mag men 1.984 euro overmaken; een stijging van twaalf procent in vier jaar! Daarnaast stijgt de kamerhuur zonder uitzondering elk jaar met enkele procenten.

Het plaatje aan de inkomstenkant is ook bekend: met de afschaffing van de basisbeurs en de invoering van het ‘studievoorschot’ gaat elke uitwonende student er zo’n driehonderd euro per maand op achteruit.

Het geld dat vrijkomt door het wegvallen van de basisbeurs, zo’n miljard euro per jaar, zou weer geïnvesteerd worden in het onderwijs. Deze zak met geld komt echter gedoseerd vrij; de eerste tweehonderd miljoen euro wordt in 2018 verdeeld. Een verhoging van de kwaliteit van onderwijs is in het belang van iedereen, maar leidt dus niet automatisch tot een stijging van het inkomen van de student.

De grote vraag is waarom de financiële situatie van studenten niet is gecompenseerd tijdens Prinsjesdag? Immers, als op een andere inkomensgroep opeens driehonderd euro per maand gekort zou worden, was elke politieke partij er direct op gesprongen.

En daar wringt 'm de schoen: er is bestaat geen studentenpartij. Gepensioneerden hebben 50Plus en de VVD positioneert zichzelf als ondernemerspartij. D66 en GroenLinks presenteren zich wel als studentvriendelijke partijen, maar hebben beide wel vóór het leenstelsel gestemd.

Is er uitzicht op verbetering? Wie snel de nieuwe partijprogramma’s doorploegt, wordt om de oren geslagen met termen als ‘leven lang leren’, dat we tot de top-vijf van het zoveelste lijstje moeten behoren en dat het onderwijs toegankelijk moet blijven. Maar weinig programma’s melden de terugloop in aanmeldingen van het aantal studenten, vooral studenten van de eerste generatie.

Beter onderwijs begint bij de basis: een gezonde financiële situatie voor de student, zodat die zich daar niet voortdurend druk over hoeft te maken. Meer geld naar studenten betaalt zich uiteindelijk vanzelf terug. We zijn tenslotte nog jong.

Meest gelezen

Kamer ruziet over boete ov-kaart

Zeven Veni-beurzen voor TU/e’ers

Zuiverder kunstmest produceren uit omgevingslucht

Minderjarige studenten de klos: geen basisbeurs, geen kinderbijslag

Een van de grootste eiwitten ooit in kaart gebracht