Illustratie | Sandor Paulus
door

Tussen de oren | Fantoompijn in Atlas

22/10/2018

We zijn aan het verhuizen. Weliswaar zijn we inmiddels van woonplaats gewisseld en hebben ons oude huis verruild voor iets mooiers, fijners. Maar we zijn er nog niet thuis: onze boeken staan nog in dozen in donkere kamers en - erger nog - in de opslag. Dat hele proces duurt langer dan gepland en al die tijd grijpen we mis en voelen we keer op keer het gemis van dat ene boek, dat nu even moet worden doorgebladerd. We weten waar het stond, we weten dat het er is, maar kunnen er niet bij.

Boeken zijn essentiële gereedschappen van het denken. Zoals een timmerman niet kan zonder hamer, beitel en zaag, zo kan een wetenschapper niet zonder boeken. Een gereedschap is niet enkel de ondersteuning van een vaardigheid - het is een integraal onderdeel van die vaardigheid. Zoals Einstein ooit zei: ‘Mijn pen en ik zijn samen slimmer dan ik ben’. Onze gereedschappen van het denken zíjn in zekere zin het denken: ze zijn onafscheidbaar van het creatieve en reflectieve proces.

Gedigitaliseerde boeken zijn makkelijk doorzoekbaar op keyword, auteur, of jaartal, maar het zijn geen boeken. Zij zijn niet tastbaar: je kunt er niet doorheen bladeren, eraan snuffelen, het gewicht voelen. Je kunt er geen ezelsoren of aantekeningen in maken, ze niet uitlenen of er blaadjes in bewaren. Ze staan niet statig in de kast als tastbare bron van gedachten, ideeën, ideeëngoed, fungeren niet in een oogwenk als inspiratie of gedachtensteun. Ze verdwijnen in vergetelheid.

Een boek is een deel van je semantisch netwerk. Het is een illusie dat je gedachtengoed alleen in je hoofd zit. Het zit om je heen, in je werkplek, je aantekeningenboek, de artikelen die je laat slingeren, de boeken in je boekenkast. Dit is de essentie van het begrip extended cognition.

Twee schamele plankjes

Als nieuwe bewoners van Atlas wordt ons gevraagd lijsten te maken van de boeken die we willen behouden, de boeken die we willen plaatsen in een gemeenschappelijke open ruimte, boeken die we mee naar huis nemen, boeken die we geven aan een bibliotheek, en boeken die we weggooien. Met dien verstande dat de persoonlijke boekenplank straks maximaal anderhalve (!) meter lang is, en daarmee het aantal boeken dat we behouden gelimiteerd is op zo’n vijftig exemplaren; een schamele twee plankjes in een reguliere boekenkast.

Wanneer iets een vloeiend onderdeel is geworden van je denkproces, kun je dit niet pijnloos verwijderen. Net zoals iemand die een arm verliest nog lange tijd (pijnlijke) sensaties zal ervaren, fantoompijnen genaamd, die wijzen op de intieme relatie die ooit bestond met die arm. Zo ook voelt het gemis aan boeken die je een leven lang hebt verzameld en meegedragen, die je hebt geleend van of uitgeleend aan collega’s gedurende je studietijd en carrière.

Gotspe

Het schrift is van onschatbare waarde voor onze culturele en geestelijke ontwikkeling: de boekdrukkunst was zonder twijfel een van de belangrijkste technologische uitvindingen van de mensheid. Boeken zijn geen stoffige overblijfselen van het oude werken, het zijn noodzakelijke gereedschappen voor groei en innovatie; ze zijn de belichaming van flexibiliteit in denken en handelen. Dat wij, als wetenschappers, onze boeken zouden moeten missen is een gotspe!

Yvonne de Kort | hoogleraar Omgevingspsychologie bij Human-Technology Interaction
Wijnand IJsselsteijn | hoogleraar Cognition and Affect in Human-Technology Interaction

Deel dit artikel via je socials