Jet Bussemaker

Bussemaker: “Wakker leenangst niet aan”

Minister Jet Bussemaker gaf gisteravond weinig details prijs over de manier waarop ze de studiefinanciering wil reorganiseren. Ze riep de oppositie in de Tweede Kamer op niet onnodig angst te zaaien over het leenstelsel.

“Als we niet oppassen, creëren we hier een angst die niet reëel is”, zei PvdA-minister Bussemaker gisteravond tijdens het Kamerdebat over de onderwijsbegroting. Daar zou de toegankelijkheid van het hoger onderwijs niet bij gebaat zijn.  

Het leenstelsel is volgens de minister een manier om meer geld vrij te maken voor het onderwijs en studenten bewuster te maken van hun studiekeuze. Om scholieren daarbij te helpen, moeten in de zomer van 2014 – als de basisbeurs is afgeschaft – alle opleidingen een ‘studiebijsluiter’ hebben met informatie over uitval, carrièreperspectieven en contacturen.  

Wie een hbo- of wo-bachelor op zak heeft, verdient gemiddeld anderhalf tot twee keer meer dan een afgestudeerde met een mbo-diploma. De overheid mag deze groep best vragen meer bij te dragen aan het diploma dat hun dit hogere salaris oplevert, vindt de minister.  

“We vragen studenten niet om het onderwijs te financieren. Dat doet de overheid nog steeds met gemiddeld zesduizend euro per student per jaar.” Volgens Bussemaker is dat ook meteen het grote verschil met de langstudeerboete waar haar eigen PvdA fel tegen van leer trok. Dat was in haar ogen een verhoogd collegegeld en dus een hogere bijdrage aan het onderwijs. “Dit kabinet vraagt van studenten een bijdrage aan het eigen levensonderhoud.”

Volgens de minister blijkt uit cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau dat er maar weinig jongeren zijn die niet gaan studeren als de basisbeurs wordt afgeschaft. “Ook voor de lage inkomens lijkt leenaversie geen reden om af te zien van een opleiding”, aldus de minister. Verder voerde ze aan dat de deelname aan het hoger onderwijs de afgelopen jaren niet is gedaald in landen waar studenten minder geld van de overheid kregen. 

“Op dit moment is de gemiddelde schuld van studenten uit lage inkomensgroepen anderhalf keer zo hoog als het gemiddelde”, rekende Michel Rog (CDA) de minister voor. “Hoe kunt u dan verdedigen dat lenen voor de lage inkomensgroepen geen probleem is?” Ook de PVV en SP zijn bang dat deze jongeren de dupe zullen worden.

Maar Bussemaker verzekerde de Kamerleden dat zij bij de uitwerking van haar plannen rekening zal houden met de toegankelijkheid van het onderwijs. “Het zou heel ernstig zijn als bepaalde groepen studenten niet meer gaan studeren, al verwacht ik dat niet.” Ze wees er ook op dat de aanvullende beurs blijft bestaan voor de lage en modale inkomens en dat een kwart van de studenten daarvan profiteert.  

Ook op vragen over de besteding van het geld dat de maatregel oplevert, wilde de minister niet ingaan. “Ik kan geen toezeggingen doen over maatregelen die ik zou kunnen nemen voor de mogelijke bijwerkingen van een wet die nog niet gemaakt is”, was de redenering van Bussemaker. “Maar zodra wij een debat voeren over het wetsvoorstel mag u mij scherp houden op dit onderwerp.” In januari stuurt ze een brief over de hoofdlijnen van de wet naar de Kamer, medio 2013 is naar verwachting het hele wetsvoorstel klaar.  

Een poging van Jasper van Dijk (SP) om de minister uit de tent te lokken met een verwijzing naar de geringe steun in de Eerste Kamer slaagde evenmin. “Ik heb nog niet gehoord dat de Eerste Kamer het leenstelsel definitief verwerpt”, aldus de minister.

Deel dit artikel via je socials