Illustratie | Sandor Paulus
door

TUssen de oren | Sociale Acceptatie van de Star Trek Transporter

17/04/2014

Na tablets, virtual reality en stembesturing voor computers is het waarschijnlijk slechts een kwestie van tijd voordat ook de Transporter uit Star Trek werkelijkheid wordt. Maar willen we dat wel?

Toegegeven, het is nog een beetje toekomstmuziek om na te denken over de sociale acceptatie van de Transporter-techniek uit Star Trek, zolang collega’s op de afdeling Human Technology Interaction nog onderzoeken of mensen een zelfrijdende auto wel zouden vertrouwen. Aan de andere kant denken sommige experts dat we misschien al binnen honderd jaar een Transporter kunnen bouwen. Maar willen we dat wel? Overschrijdt zulke techniek niet wat ons ‘ons’ maakt?

In Star Trek werkt een Transporter als volgt: de Transporter vernietigt je lichaam, zet het om in data en bouwt je ergens anders weer exact hetzelfde op. Je bent dus feitelijk dood, ware het niet dat een identieke kopie van jezelf op hetzelfde moment tot leven komt op een andere plek. Dit gaat natuurlijk wel eens fout. Soms wordt iemand niet meer opgebouwd (een soort Transporter auto-ongeluk) en heel soms (TNG: Second Chances) worden twee versies van dezelfde Luitenant Riker gemaakt. Los van de vraag of het ooit technisch mogelijk is, kunnen we ons afvragen of mensen zo’n techniek wel zouden gebruiken.

Vraag het eens aan je vrienden. Je zult zien dat sommigen vinden dat hun essentie (wat dat ook is) verdwenen is als hun lichaam afgebroken is en dat ze nooit in een Transporter zouden stappen. Je kunt zeggen: wat maakt het uit, je leeft toch voort? Maar dat is net zoiets als zeggen dat wanneer er toevallig twee Rikers tot stand zijn gekomen, eentje maar vrijwillig moet ophouden te bestaan. Ik denk niet dat één van de twee zich opwerpt als vrijwilliger. Andere vrienden zullen er geen probleem mee hebben: ze stappen vrolijk in een Transporter en zien hun ‘zelf’ niet als een materieel iets.

Wat maakt het dat mensen zo verschillend reageren? Ik weet het niet, maar gelukkig hebben we nog wel even voordat het uitgezocht moet zijn.

Deze column is geïnspireerd door aflevering 42 van de podcast Very Bad Wizards: verybadwizards.com

.

Daniël Lakens is universitair docent Toegepaste Cognitieve Psychologie bij de afdeling Human Technology Interaction.

Deel dit artikel