Komend semester niet studeren in het buitenland

TU/e’s exchange-programma gaat in ieder geval tot februari 2021 niet door vanwege COVID-19. Dat betekent dat studenten geen vakken kunnen volgen of een stage of onderzoeksproject kunnen doen in het buitenland. Ook komen er geen internationals voor een deel van hun opleiding naar de TU/e. De veiligheid van de student, de wisselende reisadviezen van de Nederlandse regering en ook de fysieke mogelijkheden gaven de doorslag bij deze beslissing. Wat betekent het voor studenten?

door
foto Pieter van Loon

Een moeilijk maar weloverwogen besluit, noemt Inge Adriaans het verbod op buitenlandervaring. “Het is heel jammer, maar is niet anders”, zegt de beleidsmedewerker International Affairs. “Niet alleen zijn de door de overheid opgestelde reisadviezen instabiel; ook ontvangen wij van steeds meer partneruniversiteiten bericht dat zij onze studenten niet kunnen ontvangen.” Een groot deel van de honderdtwintig universiteiten waarmee de TU/e uitwisselt, laat het exchangesemester fysiek niet doorgaan. Verder is het risico op nieuwe beperkende maatregelen een reden geweest om dit besluit te nemen.

Het heeft even geduurd voordat studenten die duidelijkheid kregen. Eind vorige week is er een mail naar alle TU/e-studenten gegaan die hun koffers graag wilden pakken en evenzoveel studenten van partneruniversiteiten in het buitenland die hier wilden komen. 

Verplichte stage

Elke Nederlandse universiteit heeft de knoop zelf moeten doorhakken, binnen een door de VSNU geschetst raamwerk met richtlijnen. Het Eindhovense College van Bestuur is niet over één nacht ijs gegaan. Er is de afgelopen weken zeven keer overleg geweest met allerlei bestuursorganen, waaronder met de decanen van de faculteiten, de Universiteitsraad en het Overleg Graduate School. “Het is erg gecompliceerd”, zegt Adriaans. “Bij faculteiten als Biomedische Technologie en Scheikundige Technologie is een buitenlandstage verplicht. De decanen wilden daarom de mogelijkheid openhouden om, zodra het weer kan, studenten te laten gaan. Stages zijn, in tegenstelling tot het volgen van vakken aan een buitenlandse universiteit, niet gekoppeld aan één bepaalde startdatum.” Vanaf 1 augustus kunnen studenten daarom toestemming vragen aan hun decaan voor een stage in een EER-land tijdens Q1 en Q2.

Exchange-coördinator Petri van de Vorst is blij dat de beslissing nu definitief is en dat deze niet door studenten zelf moet worden genomen, maar dat de verantwoordelijkheid bij de decanen van de faculteiten ligt voor wat betreft stages binnen de EER. De faculteit zal studenten helpen een alternatief te vinden voor het gemiste opleidingsdeel. Het vervelendst was de onzekerheid, zegt ze. “Studenten moeten kosten maken voor visa, verzekering, huisvesting. Zolang ze niet weten of dat zin heeft, is het een lastige situatie voor ze.” In november van dit jaar zal de TU/e beslissen of er weer fysieke internationale studiemogelijkheden zijn.

Inentingen al gehad

Noa Smolenaars, bachelorstudent Industrial Design, had al maandenlang moeite gestopt in het aanvragen van een Chinees visum. Ook had ze haar inentingen en vliegtickets al binnen, toen haar eerste plan niet doorging.

Dat was in september 2019, toen nog niemand van corona gehoord had, maar zij met een longembolie in het ziekenhuis lag en daar nog maanden van moest herstellen. Het plan werd uitgesteld. Helaas lag de universiteit van haar keuze tussen Wuhan en Shanghai. “Ik kreeg een week voor mijn vertrek te horen dat het niet doorging. Ook al had ik willen gaan, dan was het door het stilliggende verkeer niet gelukt”, zegt Noa. “Een nieuw plan werd, dankzij de ontzettend behulpzame exchangecoördinator bij ID Marieke Riet, de Simon Fraser University in Vancouver. Ik zou hier in mei 2020 terecht kunnen voor een zomersemester.”

In maart wist Noa dat dit niet doorging omdat Canada haar grenzen had gesloten en de TU/e een reisverbod had ingeschakeld voor staf en studenten. “Maar toen was ik weer welkom aan de  Jiangnan University in Wuxi. Door het TU/e-reisverbod kan dit niet.”

Ondanks dat het heel vervelend is, vindt Noa dat er ergere dingen op de wereld zijn. “Ik ben positief ingesteld, dus ik probeer in alles ook weer een nieuwe uitdaging te zien. Tijdens Q3 heb ik bij mijn ouders gewoond, omdat ik mijn kamer had onderverhuurd omdat ik in het buitenland zou zitten. Gelukkig kon ik voor Q4 mijn kamer in Eindhoven weer in, want door corona kwam hij vroegtijdig vrij. Nu ga ik gewoon Q4 afmaken, en komend semester mijn bachelor Industrial Design halen. Als de wereld dan weer opengaat, kan ik met het geld dat ik voor mijn exchange gespaard had alsnog naar China toe.”

Alternatieven zoeken

Pieter van Loon, masterstudent Bouwkunde, moet alternatieven zoeken voor zijn verblijf in Trondheim. Zijn keuze voor Noorwegen heeft enerzijds met de universiteit te maken, anderzijds met de geografie.

“Het land lijkt me geweldig, omdat ik een groot fan ben van de natuur en bergachtig gebied. Ook ben ik een fanatieke klimmer en Noorwegen heeft veel mooie plekjes waar ‘op rots’ geklommen kan worden. Verder lijkt Scandinavië in het algemeen me wel een plek met een fijne cultuur. Mijn beeld van Scandinaviërs is relaxed, open en hardwerkend.”

Ook is Pieter geïnteresseerd in de gekozen universiteit, de Norwegian University of Science and Technology. “Ik wilde graag naar een universiteit waarvan ik erop vertrouwde dat de kwaliteit hoog was. Verder zijn de Noren en de NTNU een stuk meer bekwaam met houtconstructies, iets wat de TU/e mist. Dat was voor mij een grote reden om voor Noorwegen te kiezen.”

Eerder afstuderen

Maar nu? “Ik ben nu de mogelijkheid tot stage aan het verkennen, maar dat is slechts 5 ECTS, ten opzichte van de 22,5 die ik van plan was in Noorwegen te halen. Daarnaast zijn er nog enkele, maar niet veel, vakken die interessant zijn om te volgen. Dus dat ga ik maar doen. Verder ga ik wat eerder beginnen met afstuderen. De vakken die ik nog kan of wil volgen, zijn namelijk verspreid over het jaar - het is niet echt een vullend programma om alleen vakken te doen. Origineel was het idee om al mijn vakken af te ronden voordat ik aan mijn afstuderen zou beginnen, maar dat is dus nu veranderd. Ik vind het erg jammer dat de uitwisseling niet doorgaat, want het alternatief is een stuk minder spannend.”

Op de hoofdfoto bovenaan dit artikel zie je Pieter met een vriend in Singapore. Ze leerden elkaar kennen toen deze een exchangeprogramma in Eindhoven volgde.

Deel dit artikel