door

Dat je niets zeker weet, is boven alle twijfel verheven

28/06/2018

Zaterdag omstreeks 10 voor 10 ’s avonds gebeurde er zoiets stereotieps, dat het leidde tot een unicum. Duitsland scoorde in blessuretijd de 2-1 tegen Zweden, waarna er een wereldrecord werd gevestigd voor 'de meeste mensen die tegelijkertijd zelfde grap maakten'. Miljoenen zeiden, appten en Tweetten in koor: ‘Een voetbalwedstrijd duurt 90 minuten en aan het einde winnen de Duitsers’. Dubbelepuntpee.

Wat je er van ook vond en voor wie je dan ook het juichen was (een lastige keuze tussen kwal Ola Toivonen en het Duitse team), het vervulde me met blijdschap dat je zeker wist dat dit zou gaan gebeuren. Net zoals dat ’s ochtends de zon opkomt, het opzetten van een tent tot echtelijke ruzies leidt en het Paviljoen überhaupt bestaat, winnen Duitsers een voetbalwedstrijd in blessuretijd. Een zekerheid om je aan vast te houden.

Dit schrijf ik niet uit een soort gevoel van oer-conservatisme. Welnee, ik ben de eerste die een cynische ‘ja, vroeger was inderdaad alles beter’ in de porseleinkast gooit van een stel babyboomers als het gaat over een, zeg, mazelenuitbraak. Mijn belang in dezen is niet conservatisme, maar het reduceren van de wetenschappelijke berg twijfel die zich dagelijks zó hoog op mijn bureau stapelt dat ik dikwijls alleen nog zeker weet dat niets zeker is.

Klopt de opzet van mijn experiment wel?

Ik hou van mijn werk als PhD’er: studenten helpen, ontdekkingen doen, experimenten draaien, allemaal mooie aspecten van het beroep. Waar ik echter minder goed tegen kan, is de continue (en terechte) aanwezigheid van twijfel: Klopt de opzet van mijn experiment wel? Is mijn paper wel goed genoeg voor dit tijdschrift? Is deze Eurest Selection Kroket nog wel eetbaar? Om mijn imposter syndrome tegen te gaan, heb ik in het weekend (if any) behoefte aan de kleine puzzelstukjes van zekerheid die het leven mij kan bieden. Echt hoor, dan is gewoon lekker dat je weet dat George Baker in een elk WK-reclameblok deze zomer over zijn ‘Lidl Green Bag’ gaat zingen. Trouwens, not looking at you, EyeLovin’ René Froger.

Een favoriete uitspraak van mij is van Theo Maassen. In zijn show ‘Ruwe Pit’ uit 2001 vraagt hij zich hardop af: ‘wat is zeker weten?’ Een prachtig antwoord dat hij geeft, is hoe een loodgieter bepaalt hoe hoog een wasbak moet komen te hangen: “Bovenkant bak is onderkant zak.” Zo’n stukje zekerheid mis ik nou in mijn dagelijkse werkzaamheden, als ik een dataset van 300 participanten voor m’n neus heb en ik niet zeker weet of deze niet-normaal verdeelde data linksom of rechtsom moet worden geanalyseerd.

Daarom, lieve mensen die ook last hebben van twijfel in hun leven: maak eens een grapje over Duitsers. Neem die zekerheid dat mensen ook maar een beetje lachen voor lief. Op het WK kun je namelijk sinds gisteren niet meer rekenen: voetbal is een simpel spelletje waarbij 22 spelers 90 minuten lang achter een bal aan rennen en Duitsland tóch kan verliezen.

Deel dit artikel via je socials