Misinformatie weerleggen is misinformatie verspreiden

Rathenau: roep niet “onzin”, maar neem zorgen serieus

Van zonnebrandcrème krijg je geen kanker en vaccins veroorzaken geen autisme. Dat kun je eindeloos blijven zeggen, maar als je misinformatie wilt ontzenuwen, neem dan liever de onderliggende zorgen serieus, zegt het Rathenau Instituut.

door
afbeelding iStock / Andrii Dodonov

Op sociale media komen de gekste beweringen voorbij over klimaatverandering, vaccins, voeding, migratie en zo voorts. Je zou het soms willen uitschreeuwen: trap er niet in, hier zijn de feiten!

Maar volgens onderzoeker Anne-Floor Schölvinck van het Rathenau Instituut kun je beter op je tong bijten. Pas op voor alarmisme, staat in het rapport Wikken en weten. Roep niet: het is onzin dat je kanker krijgt van zonnebrandcrème. Ga liever in gesprek over de zorgen die mensen hebben.

Wat is er mis met een ‘alarmistische’ factcheck?

“Als je waarschuwt tegen bepaalde misinformatie, dan herhaal je die ook. Dan bereikt die misinformatie allerlei mensen die er eerder nog niet van hadden gehoord. En ze onthouden de feiten ook niet. Ze denken vooral: waar rook is, is vuur. Vaccins, zonnebrandcrème … Daar was iets mee, denken ze dan.”

Stelt het ze niet gerust?

“Nee, vaak niet. Aandacht voor het gevaar van misinformatie maakt vooral dat mensen al het nieuws gaan wantrouwen. Dat is de backlash. Ze denken: er gaat zoveel rommel rond, ik geloof wel niets meer.”

Moet je dan maar je schouders ophalen als je misinformatie tegenkomt?

“Dat is het andere uiterste. Het is gevaarlijk om misinformatie helemaal te negeren, want dan negeer je eigenlijk ook de mensen die zich zorgen maken. Onze oproep is: neem hun zorgen serieus.”

Wat verstaan jullie onder serieus nemen?

“Je kunt kijken wat mensen met elkaar gemeen hebben. Of ik mijn kinderen wel of niet vaccineer, hangt af van mijn geloof in de wetenschap achter vaccinaties en de werking van instituties. Maar alle ouders willen het beste voor hun kind. Daar kun je je meer op richten dan op de feitelijke claim. Vertel bijvoorbeeld waar je goede informatie kunt vinden.”

Helpt dat wel, als iemand de vreemdste berichten op sociale media gelooft?

“Uit ons onderzoek blijkt geen samenhang tussen wantrouwen tegen de wetenschap en de tijd die mensen op sociale media doorbrengen. Het gaat om de voedingsbodem waar die berichten op landen: hun ervaringen en hun basishouding in het alledaagse leven. Soms zeggen mensen: sociale media reduceren de wetenschap tot ‘zomaar een mening’. Maar daar hebben wij geen bewijs van gevonden.

Sociale media zijn dus het probleem niet?

“Het helpt als mensen niet alleen maar op sociale media zitten. Het is goed als ze bijvoorbeeld ook kranten en tijdschriften lezen of naar de radio luisteren. Een divers ‘mediadieet’ kan helpen om mensen weerbaar te maken tegen misinformatie.”

Stemt het niet moedeloos dat mensen zoveel gekke berichten delen?

“Zelf ben ik optimistisch ingesteld. We voeren in focusgroepen veel gesprekken over wetenschap. In die groepen zitten willekeurig gekozen mensen, een doorsnee van de samenleving, en het valt me altijd op hoe genuanceerd, open en weldenkend ze over wetenschap denken. Hun argumenten zijn ook heel logisch, en zeker niet zo schreeuwerig als je soms online of in de media ziet.”

Toch krijg je weleens de indruk dat nuance geen kans maakt in de strijd om aandacht.

“Het discours in de media is vaak alarmistisch, maar er is een grote groep mensen die de schreeuwerigheid vreselijk vindt.”

Hoe herstel je het vertrouwen in de wetenschap bij iemand die al wantrouwig is?

“Het frustrerende antwoord van een onderzoeker is: dat hebben we nog niet onderzocht, dus dat kunnen we niet zeggen. Maar ik geloof dat je interesse moet hebben in de vraag waarom mensen bepaalde dingen zijn gaan geloven. Kijk niet naar die ene claim, maar naar hun hele referentiekader.”

Deel dit artikel