“Het is de wereld op z’n kop, maar wel begrijpelijk”

Dat de technische universiteiten numeri fixi invoeren noemt hij, nadat jarenlang wervingscampagnes zijn gevoerd om scholieren te laten kiezen voor techniek, “de wereld op z’n kop”. Maar de nieuwe VSNU-voorzitter Pieter Duisenberg heeft wel alle begrip voor de keuze, zei hij maandag tijdens een kennismakingsbezoek aan de TU/e.

Als lid van de Tweede Kamer voor de VVD brak Pieter Duisenberg dit jaar nog een lans voor een betere bekostiging van de TU’s om daarmee te voorkomen dat studentenstops moesten worden ingevoerd. Een groot deel van het geld dat de invoering van het leenstelsel zou gaan opleveren, moest volgens hem richting TU’s.

Sinds 1 oktober is hij echter de nieuwe voorzitter van universiteitenkoepel VSNU. In de kennismakingsbijeenkomst met de universiteitsraad van de TU/e werd gisteren duidelijk dat hij techniek en bèta nog steeds een warm hart toedraagt, maar dat de universiteiten gezamenlijk moeten kijken hoe de bekostiging beter kan.

Duisenberg zei te begrijpen dat de groei problemen met zich meebrengt en dat er aan de TU's numeri fixi worden ingevoerd om de druk op de staf en faciliteiten te verminderen. "Naar de manier waarop de universiteiten bekostigd worden, gaat gekeken worden", beloofde hij. “Uw College van Bestuur is er op dit moment niet tevreden over”, vertelde hij de U-raadsleden lachend.

Wetenschapsagenda

Hij voegde er direct aan toe dat de universiteiten gezamenlijk moeten bespreken hoe de middelen die vrijkomen door de invoering van het leenstelsel, straks kunnen bijdragen aan een betere onderwijskwaliteit. Voor bèta en techniek ziet hij kansen bij de extra middelen die beschikbaar komen voor onderzoek, zo rond de vierhonderd miljoen.

“Mijn voorstel is om die middelen vooral toe te voegen aan de eerste geldstroom, waardoor ze ook effect kunnen hebben op het onderwijs. Daarnaast liggen er voor de TU’s zeker ook kansen als de Nationale Wetenschapsagenda uitgevoerd gaat worden.”

Nog een oplossing om de druk aan de TU’s te verlichten, ziet hij in het doorverwijzen van studenten naar andere instellingen. “Op meer plaatsen in Nederland worden techniekopleidingen aangeboden, bijvoorbeeld in Groningen. Doorverwijzen kan tijdelijk een oplossing zijn voor de TU’s.”

Werkdruk

Werkdruk en aanvraagdruk bij wetenschappers zijn twee andere onderwerpen die hoog op de agenda van de VSNU staan, vertelde Duisenberg. “Eind dit jaar moeten alle universiteiten hun plannen ingeleverd hebben om de werkdruk te verlagen. De VSNU verzamelt deze plannen en gaat kijken wat de meest effectieve oplossingen zijn en die zullen gedeeld worden. Voor het verminderen van de aanvraagdruk heeft NWO een plan gepresenteerd en we zullen zeker gaan monitoren of dit straks het gewenste effect heeft. Dat betekent dat men minder voorstellen moet schrijven en de kans om een voorstel gehonoreerd te krijgen, moet groter worden. Die kans moet naar vijfentwintig procent.”

In de TU/e innovation Space kreeg Duisenberg aansluitend van Luc Brinkman van Team Solid uitleg over hun onderzoek naar het inzetten van metaal als duurzame energiedrager. En in Ceres praatte hoogleraar Jan van Hest hem bij over diens eigen onderzoek en, in bredere zin, over de richting die de TU/e op wil gaan met haar onderzoek de komende jaren. Van Hest is voorzitter van de studiegroep die zich daarmee bezighoudt.

Deel dit artikel