UNL wil géén uitzondering, wel compensatie voor WOO

Transparantie is prima, zegt voorzitter Caspar van den Berg van koepelvereniging UNL. Volgens hem willen de openbare universiteiten helemaal geen uitzondering op de wet die hen tot openheid dwingt.

door
foto iStock / NuPenDekDee

Activisten en journalisten vragen soms grote hoeveelheden documenten en correspondentie op bij overheden en uitvoeringsorganisaties, meestal over gevoelige onderwerpen. Daarvoor doen ze een beroep op de Wet Open Overheid (WOO).

Dat gebeurt bij universiteiten ook. Zij moeten bijvoorbeeld informatie delen over hun banden met de fossiele industrie of de samenwerking met Israëlische partners. De afhandeling van de verzoeken kost veel tijd en geld.

Volgens platform ScienceGuide willen de Universiteiten van Nederland (UNL) een uitzondering op de WOO. Dat zou blijken uit een samenvattend briefje van het Leidse universiteitsbestuur aan de medezeggenschapsraad: “De insteek van UNL is primair dat ook voor de openbare universiteiten een uitzonderingspositie in de WOO wordt gecreëerd”, staat daarin.

Dat klopt niet, stelt voorzitter Caspar van den Berg van koepelorganisatie UNL (Universiteiten van Nederland). Hij weet niet waarom het Leidse bestuur het zo heeft opgeschreven.

Jullie willen dus géén uitzonderingspositie?

“Universiteiten staan pal voor transparantie. Openbaarheid is een groot goed en hoort gewoon bij publiek gefinancierde instellingen. Wij hebben nooit een uitzondering bepleit. Wat er knelt, zijn de sterk gestegen lasten van de WOO. De inspanningen gaan ten koste van ons onderwijs en onderzoek. Daarom vragen we wel compensatie aan het Rijk.”

Waarom zou een universiteit compensatie voor openheid moeten krijgen?

“Die krijgen de gemeenten ook. Zij zeiden: het afhandelen van een WOO-verzoek is verplicht, wij hebben geen invloed op het aantal verzoeken en de kosten zijn substantieel. Dat zijn goede argumenten en die gelden ook voor universiteiten. Wij willen dus niet ‘minder openheid’, maar wij zeggen wel: voor universiteiten zijn de kosten inmiddels onevenredig hoog en daar horen middelen tegenover te staan.”

Zijn het zoveel verzoeken?

“Het is een stijgend aantal. In een steekproef zagen we een verdrievoudiging van het aantal verzoeken sinds 2022. Bovendien neemt de complexiteit van de vragen toe, wat meer druk zet op de juridische afdelingen. Het gaat soms om honderden mensuren per verzoek per instelling. Soms moeten ze er externe hulp voor inhuren. Het verdringt ander werk en dat is problematisch.”

Woorden als ‘problematisch’ en ‘onevenredig’ gebruik je toch alleen als je er weinig waarde aan hecht?

“Nee, zo kijken we er niet tegenaan. Transparantie is het issue niet. Wel de onbetaalde rekening ervan. Onze kerntaken zijn onderwijs, onderzoek en impact hebben in de samenleving. Natuurlijk willen we de WOO uitvoeren, maar wat ons betreft moet dat niet ten koste van die kerntaken gaan. Nogmaals, datzelfde punt hebben de gemeenten gemaakt.”

Wat maakt een vraag complex?

“Soms klinkt de vraag zelf eenvoudig, bijvoorbeeld de vraag naar de banden met de fossiele industrie. De vraag is legitiem, daar heeft niemand een oordeel over. Maar het heeft heel wat voeten in de aarde. Universiteiten zijn veelal decentraal georganiseerd in allemaal faculteiten, vakgroepen en instituten. We moeten die informatie dan in alle hoeken en gaten van de universiteit gaan zoeken. Dat is ook een verschil met de gemeenten: zij zijn gewend allerlei besluiten over bijvoorbeeld vergunningen te nemen, met beroeps- en bezwaarprocedures. Ze hebben een totaal andere informatiehuishouding. Het is voor universiteiten soms even schakelen.”

Aanstaande regeringspartij CDA noemt de WOO een doorn in het oog en spreekt van doorgeschoten wetgeving. Jullie niet?

“Dat vind ik moeilijk om te zeggen. Er komt binnenkort een evaluatie van de wet, laten we die even afwachten. Wat je hoort – maar dat is anekdotisch – is dat de WOO soms misbruikt wordt bij arbeidsconflicten of door mensen die op dwangsommen azen. Maar dat speelt bij universiteiten niet.”

Drie ‘bijzondere’ universiteiten (Nijmegen, Tilburg en de VU Amsterdam) vallen nu al niet onder de WOO. Hetzelfde geldt voor vrijwel alle hogescholen.

“Dat verschil ligt niet bij ons, maar bij de wetgever. Het betekent overigens niet dat deze drie universiteiten minder openbaarheid betrachten. Je kunt ook transparant zijn zonder wettelijke verplichting.”

Deel dit artikel