Visitatie-commissie positief over data science-opleidingen

Een visitatiecommissie van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) zal positief adviseren over de nieuwe data science-opleidingen van de TU/e en Tilburg University. Zo blijkt uit een drukbezochte sessie die vanmiddag werd gehouden in Tilburg.

De commissie - die de voorbije dagen Eindhoven en Tilburg bezocht - is vol lof over de inspanningen van de twee universiteiten. “We proeven veel enthousiasme en zien de innovatieve kracht van dit initiatief. In het bedrijfsleven is een sterke behoefte aan data science-specialisten. De voorwaarden zijn er: goede docenten, een prima netwerk en veel dynamiek. Mooi ook om te zien dat beide universiteiten volledig gelijk opmarcheren.”

De commissie is blij met de sterke onderzoekscomponent in de beoogde programma’s. “Het integrale geheel staat, administratief en logistiek gezien. De leerlijnen moeten de innovatieve ontwikkelingen straks nauwgezet blijven volgen. Maar ook hierin hebben we alle vertrouwen. De geformuleerde skills en beroepsprofielen herkennen wij.”

Het bachelor-deel wordt geroemd vanwege de grote inhoudelijke herkenbaarheid. Hierover gaat de commissie onvoorwaardelijk positief adviseren aan de NVAO. Bij de master moet er nog wat huiswerk worden gedaan: “Ook hier hebben we een zeer positieve indruk. Niet in het minst vanwege de ‘uitzonderlijke’ locatie Mariënburg in Den Bosch. Wel vinden we dat de leerlijn ‘entrepreneurial competenties’ nog verder kan worden uitgewerkt. Maak vooral meer zichtbaar wáár deze competenties zitten in het curriculum, en ook in de toetsing.” Conclusie: de master krijgt een ‘positief onder voorwaarde’.

Warm bad

De Tilburgse rector Emile Aarts is verguld met deze bevindingen: “Dit voelt als een warm bad. Vooral omdat u ons complimenten maakt op punten die wij zelf belangrijk vinden. Hier staat vandaag een prima team, dat keihard heeft gewerkt. Die inspanning wordt nu beloond.”

Ook TU/e-rector Frank Baaijens is blij met de uitkomst: “We hebben hier met een groot team aan gewerkt. Dat blijkt ook wel uit deze volle zaal. En we zijn er nog niet. Het starten van de opleiding betekent het meeste werk, maar dat is ook het allerleukste. Hopelijk gaat een deel van ons enthousiasme over op de studenten die we straks mogen verwelkomen. Ik ben ervan overtuigd dat dat gebeurt.”

Deel dit artikel via je socials