TU/e wil leidende rol krijgen in Resilience & Security
De TU/e wil over vijf jaar leidend zijn op het gebied van Resilience & Security. Dit voornemen staat in een strategisch plan dat het College van Bestuur op woensdag goedkeurde. In de praktijk gaat dat voornamelijk om defensiegerelateerd onderzoek en onderwijs. De universiteit zegt de koers in te zetten vanwege ‘een sterk gegroeide noodzaak om ons land en Europa op eigen kracht veilig te houden’.
De TU/e heeft een onderzoeksstrategie vastgesteld op het gebied van Resilience & Security, zo staat te lezen op de website. Het rapport dat aan de strategie ten grondslag ligt en dat het resultaat is van een verkenningstraject, heeft Cursor nog niet kunnen inzien. Volgens een woordvoerder van de TU/e behoeft het rapport nog enige aanpassingen en wordt het pas na de zomer definitief.
Militair
De TU/e overweegt onder andere een pilot op te starten met de Nationale Weerbaarheidstraining (NWT), waarbij studenten als onderdeel van de bachelor een minor volgen in samenwerking met het Ministerie van Defensie.
In april was er een informatiesessie over de NWT-minor. Daar kwamen maar zes studenten op af. Toch zou uit een eerste inventarisatie blijken dat er animo voor is, schrijft de universiteit.
De komende tijd moet blijken hoe de minor binnen de bachelor vorm kan krijgen. Studenten moeten voor de NWT bijvoorbeeld ook tien weken praktijkervaring opdoen als militair. De Universiteit Leiden en Rijksuniversiteit Groningen bieden de minor al aan.
Verkenningstraject
Het plan definieert ook vier relevante onderzoeksgebieden, waarin de TU/e wil groeien. Dat gaat om Intelligente Systemen – waaronder Cyberveiligheid –, Sensoren, Logistiek en Geavanceerde Materialen. Op dat laatste gebied heeft de universiteit ook net een nieuw flagship opgezet. Kwantumtechnologie, ruimteonderzoek, autonome energiehubs en medische technologie zijn eveneens mogelijke focusgebieden voor defensie-gerelateerd onderzoek.
Aan het plan ging een lang verkenningstraject vooraf. Daarbij onderzochten Susan Hommerson van General Affairs en Geert-Jan van Houtum, decaan van Industrial Engineering and Innovation Sciences, hoe een meer structurele samenwerking met het Ministerie van Defensie eruit zou kunnen zien. Hommerson zei daarover in november vorig jaar van zeker honderd onderzoekers te weten dat ze bereid waren om samen te werken met Defensie.
Open science
Eind vorig jaar volgden ook dialoogsessies over weerbaarheid en veiligheid, waarbij medewerkers en studenten hun meningen en vragen konden delen. Bij een van die bijeenkomsten leken de meeste aanwezigen open te staan voor meer samenwerking met Defensie, al hadden ze wel hun bedenkingen over de gevolgen voor open science.
Een terugkerend thema is ook dat de TU/e zich alleen op defensieve toepassingen wil richten. Eerder zei Frank Bosch van het Ministerie van Defensie daarover tegen Cursor dat het niet mogelijk is om het onderscheid tussen defensief en offensief te maken, omdat je in praktijk veel defensieve toepassingen ook voor offensieve doeleinden kunt inzetten. Hoe de universiteit daar binnen de nieuwe koers tegenaan kijkt wordt uit het persbericht niet duidelijk.
Als reden voor de plannen geeft de universiteit de ‘sterk gegroeide noodzaak om ons land en Europa op eigen kracht veilig te houden.’ De TU/e zou hieraan een grote bijdrage kunnen leveren en neemt naar eigen zeggen daarom haar verantwoordelijkheid.
Na de zomer gaat de universiteit kijken naar hoe Resilience & Security binnen de universiteit georganiseerd kan worden, zodat de plannen in januari 2027 van start kunnen gaan.

Discussie