
Leren zonder grenzen: blauwdruk voor Europees onderwijs
Gezamenlijke cursus van drie universiteiten blijkt succesvolle pilot
Samen een cursus ontwikkelen én geven met universiteiten uit verschillende landen: voor de TU/e was het een experiment dat smaakt naar meer. De nieuwe EuroTeQ-cursus Digital Twins for Digital Society, ontwikkeld met de technische universiteiten van Tallinn en Praag, moet dienen als blauwdruk voor toekomstige internationale onderwijssamenwerkingen.
EuroTeQ Engineering University is een samenwerkingsverband van Europese technische universiteiten dat werkt aan internationalisering van ingenieursonderwijs. Via gezamenlijke en deels onlinecursussen leren studenten over de grenzen van hun eigen universiteit heen, rond maatschappelijke thema’s als duurzaamheid, digitalisering en energie.
Binnen EuroTeQ worden onder meer gezamenlijke online- en hybride cursussen ontwikkeld. Maar eerdere ervaringen met dat cursusaanbod waren wisselend, vertelt hoogleraar software-engineering Mark van den Brand van de faculteit Mathematics & Computer Science.
“Mijn ervaring was dat het enthousiasme van de EuroTeQ-studenten heel erg fluctueerde”, zegt hij. “Het begon vaak met een grotere groep studenten, maar uiteindelijk namen er maar een paar deel aan het tentamen. De effectiviteit was dus vrij laag.”
Wie werken samen in EuroTeQ?
EuroTeQ bestaat uit negen universiteiten, waaronder de TU/e als Nederlandse partner, samen met de Technical University of Munich (Duitsland), Technical University of Denmark (Denemarken), Czech Technical University in Prague (Tsjechië), Tallinn University of Technology (Estland), École Polytechnique (Frankrijk) en EPFL – École Polytechnique Fédérale de Lausanne (Zwitserland), aangevuld met de business schools HEC Paris (Frankrijk) en IESE Business School (Spanje).
Tijdens een winter school in Tallinn kwamen docenten van verschillende EuroTeQ-universiteiten daarom bijeen om te bespreken hoe ze de vakken aantrekkelijker konden maken. Daar ontstond het idee voor een gezamenlijk ontwikkelde cursus. “Het idee was: als je andere universiteiten bij het ontwikkelen van een cursus betrekt, dan trek je hun studenten ook gelijk mee.”
Gezamenlijk ontwikkeld
Dat leidde uiteindelijk tot Digital Twins for Digital Society, een cursus over digital twins en hun maatschappelijke toepassingen. De cursus werd gezamenlijk ontwikkeld door docenten van TU/e, Tallinn University of Technology en Czech Technical University in Prague. Vanuit de TU/e was universitair docent Ion Barosan betrokken.
Volgens Van den Brand zat de kracht van de samenwerking vooral in de combinatie van verschillende expertisegebieden. “Iedereen heeft zijn kennis ingebracht. Ion Barosan had allerlei materiaal rondom engineering van digital twins liggen. Vanuit Tallinn kwam veel kennis over digital society, en vanuit Praag veel materiaal op het gebied van user interface design.”
Ook Barosan benadrukt dat internationale karakter als een van de belangrijkste meerwaarden van het project. “Studenten werden blootgesteld aan verschillende academische culturen, onderwijsvormen en expertises”, zegt hij. “Zoals een student het verwoordde: ‘Deel uitmaken van zo’n internationale omgeving maakte de ervaring nog impactvoller.’”
De cursus combineerde online colleges, workshops en projectonderwijs met een fysieke afsluitende week op de TU/e-campus (zie hoofdfoto). Tijdens die zogeheten Capstone Week werkten studenten aan digital twins van de TU/e-campus en aan bredere maatschappelijke vraagstukken.
“Het uiteindelijke doel was niet alleen om technologie te onderwijzen”, aldus Barosan, “maar om studenten te helpen begrijpen hoe digital twins kunnen worden ingezet om slimmere, duurzamere en meer mensgerichte samenlevingen te creëren.”
Grootste tot nu toe
De cursus liep in kwartaal drie en bereikte meteen de maximale capaciteit van veertig studenten. Volgens Van den Brand is dat uitzonderlijk binnen EuroTeQ. “Het was de grootste cursus die EuroTeQ ooit gehad heeft”, zegt hij. “En bijna alle studenten zijn uiteindelijk ook naar de campus gekomen.”
Dat enthousiasme zag hij ook terug tijdens de afsluitende projectweek in Eindhoven. “Het feit dat er uiteindelijk 35 mensen serieus bezig waren met een opdracht op de campus, geeft wel aan dat het vak resoneerde.”
Studenten werkten tijdens de cursus in internationale en multidisciplinaire teams. Volgens Barosan bleek juist die mix van achtergronden waardevol. “Studenten leerden niet alleen technische vaardigheden, maar ook hoe ze moeten samenwerken over culturen, disciplines en perspectieven heen.”
De fysieke week op de TU/e-campus speelde daarin een belangrijke rol. “Het samenbrengen van studenten op één locatie versnelde de samenwerking, versterkte de onderlinge relaties en zorgde voor een leerervaring die ze niet snel vergeten”, voegt hij toe.
Volgens Van den Brand bood die week bovendien de kans om de TU/e aan internationale studenten te laten zien. “We hebben de studenten goed kunnen laten zien waar we hier mee bezig zijn, van het Automotive Lab tot innovation Space. De studenten waren best onder de indruk van de faciliteiten die we hier hebben.”
Blauwdruk
De cursus moest niet alleen een vak opleveren, maar ook dienen als blauwdruk voor toekomstige internationale samenwerkingen. “Vanaf het begin was het ons doel om niet alleen een cursus te ontwikkelen, maar ook een voorbeeld voor vergelijkbare gezamenlijke initiatieven”, zegt Van den Brand. Teacher Support van de TU/e, maar ook van de andere betrokken universiteiten, was daarom nauw betrokken bij het project.
Hoewel de inhoudelijke voorbereiding relatief efficiënt verliep doordat bestaand lesmateriaal kon worden hergebruikt, kwamen er organisatorisch wel de nodige uitdagingen kijken bij een cursus over landsgrenzen heen.
“In Tallinn zijn alle vakken zes studiepunten, bij ons vijf”, zegt Van den Brand. “En hoe regel je tentamens voor studenten die in het buitenland zitten? Dat zijn dingen waar je binnen EuroTeQ goed naar moet kijken.”
Barosan benadrukt dat een groot deel van de soepele coördinatie tussen de partneruniversiteiten te danken was aan de inzet van Meagin van der Westhuizen en Daian Yan Saman van ESA, die verantwoordelijk waren voor de communicatie, planning, logistiek en onderlinge afstemming tussen de instellingen.
Leerervaring
Het afstemmen van onderwijsregels, roosters en technologische infrastructuur waren belangrijke uitdagingen, benadrukt ook Barosan. Tegelijkertijd ziet hij daarin juist een leerervaring. “In veel opzichten weerspiegelden deze uitdagingen dezelfde interoperabiliteits- en integratieproblemen die je ook bij digital twin-systemen tegenkomt.”
Ondanks die obstakels zijn de betrokken docenten enthousiast genoeg om de cursus volgend academisch jaar opnieuw aan te bieden. Waar dat precies zal gebeuren, staat nog niet vast. “Of het nu weer bij ons is of misschien in Praag of Tallinn, dat weten we nog niet”, zegt Van den Brand. “Maar we hopen volgend jaar nog meer studenten te bereiken.”
Voor Barosan maakt het project vooral zichtbaar wat Europese samenwerking in het hoger onderwijs kan opleveren. “De cursus liet zien dat innovatie werkelijk geen grenzen kent.”


Discussie