Onrust Midden-Oosten zet door, TU/e biedt steun
De onrust in het Midden-Oosten houdt aan en de gevolgen zijn voelbaar tot ver buiten de landsgrenzen. Iraanse TU/e’ers balanceren tussen angst en onzekerheid, terwijl ze hun werk en studie proberen voort te zetten. De universiteit ondersteunt hen met psychologische begeleiding en bijeenkomsten waarin ze hun zorgen kunnen delen en verbinding kunnen vinden.
Iran beleeft sinds begin 2026 een periode van ongekende onrust. Massale protesten tegen economische problemen en politieke onderdrukking werden door veiligheidstroepen hard neergeslagen, met duizenden doden onder demonstranten tot gevolg.
De periode werd gekenmerkt door enorme onzekerheid en angst, omdat Iraniërs in het buitenland vanwege telefonie- en internetblokkades vaak geen contact konden krijgen met hun dierbaren en niet wisten of ze in leven waren.
In februari escaleerde de situatie verder: de Verenigde Staten en Israël voerden luchtaanvallen uit op militaire doelen in Iran, waarbij ook opperste leider Ayatollah Ali Khamenei werd gedood. Kort daarna werd zijn zoon Mojtaba Khamenei aangekondigd als nieuwe opperste leider, in een poging om het bestaande regime voort te zetten.
Het conflict breidde zich uit naar andere delen van het Midden-Oosten, met Iraanse raket- en droneaanvallen op Israël en naburige landen, honderden doden en toenemende onrust in de regio.
Wirwar van emoties
Veel Iraniërs reageerden aanvankelijk opgelucht of zelfs uitbundig op het nieuws van de dood van de opperste leider, en over de hele wereld waren spontane vieringen te zien. Die blijdschap ging echter al snel samen met onzekerheid en bezorgdheid over wat de toekomst zal brengen. Ook voor veel leden van de TU/e-community is de situatie nog altijd een bron van stress en onzekerheid.
Misschien duurt het nog tien jaar, maar het regime is nu erg verzwakt en kan gewoon niet overeind blijven
Ahmadreza Marandi, universitair docent aan de TU/e van Iraanse afkomst, ervaart een wirwar van emoties: “Het is moeilijk te benoemen wat ik voel. Blijdschap dat de brute leider weg is, angst voor de toekomst, zorgen om familie, verdriet om mensen die zijn overleden, boosheid over hoe het regime zich gedraagt … alles tegelijk.”
In januari sprak Cursor hem na de massale protesten. Toen was hij pessimistisch over de toekomst van Iran. Nu, na de luchtaanvallen van de VS en Israël en de dood van de ayatollah, durft hij voorzichtig te denken aan verandering.
“Mijn broer, die in de VS woont, en ik spraken af: als het regime uiteindelijk weg is, vieren we dit met onze families in Iran. Misschien duurt het nog tien jaar, maar het regime is nu erg verzwakt en kan gewoon niet overeind blijven.”
Geen negen-tot-vijfbaan
Er zijn 177 Iraanse medewerkers aan de TU/e. De universiteit probeert deze medewerkers actief steun te bieden. ‘De HR-teams binnen de faculteiten houden contact met medewerkers en bieden waar nodig ondersteuning op maat, afhankelijk van de behoefte van de medewerker’, laat de woordvoerder van de universiteit weten aan Cursor.
Daarnaast kunnen medewerkers die geraakt zijn door de oorlog en onrust in het Midden-Oosten terecht bij OpenUp. Dit online platform voor mentale gezondheid biedt psychologische een-op-eenondersteuning en de diensten zijn beschikbaar in verschillende talen.
Onze belangrijkste taak is er zijn voor de studenten
Ook Ahmadreza Marandi merkt dat de moeilijke situatie doorwerkt naar zijn werk, maar weet niet goed hoe de universiteit hem persoonlijk zou kunnen helpen. “Het docent-zijn is geen negen-tot-vijfbaan. Ik heb deadlines, en er zijn studenten en promovendi die moeten afstuderen en begeleiding nodig hebben”, zegt hij. “Ik kan ze niet zomaar wegsturen omdat ik me mentaal overweldigd voel.”
Zelfs in deze moeilijke tijden voelt hij zich betrokken bij zijn studenten en de universiteit. “Ik was aanwezig bij een bijeenkomst voor Iraanse studenten en medewerkers aan de TU/e. Ik was daar niet om hulp te vragen, maar om te helpen. Onze belangrijkste taak is er zijn voor de studenten en hen ondersteunen, zodat ze hun studie kunnen voortzetten.”
Overweldigend en stressvol
Ook Sarvin, masterstudent aan de TU/e-faculteit Built Environment en afkomstig uit Iran (haar echte naam is bekend bij de redactie), ervaart de situatie als overweldigend. “We krijgen constant beelden en berichten te zien van bombardementen. Het is erg stressvol, vooral omdat mijn familie en vrienden daar zijn.”
Ook haar studie lijdt eronder, geeft ze toe. “Het is moeilijk om me te concentreren op opdrachten en tentamens. Het is emotioneel erg zwaar.”
Soroush, masterstudent Computer Science uit Iran (echte naam bij de redactie bekend), herkent die gevoelens. “De hele situatie veroorzaakt veel stress. Ik maak me zorgen om mijn familie en over de toekomst, en het is zwaar om de studie en opdrachten bij te houden.”
Hij probeert een balans te vinden tussen het volgen van het nieuws en het beschermen van zijn eigen gemoedstoestand. “Ik check updates een paar keer per dag, niet de hele tijd. Als ik net mijn moeder heb gesproken, sta ik mezelf toe om het nieuws te volgen. Dan weet ik zeker dat ze veilig is.”
Noroez
Alsof het allemaal nog niet genoeg is, loopt Soroush’ huurcontract binnenkort af. Hij moet snel op zoek naar iets nieuws en een verhuizing regelen, iets waar hij op dit moment geen energie of mentale capaciteit voor heeft. Bovendien brengt dat extra instabiliteit in een al onzeker bestaan.
De gedachte dat ik dit jaar met Noroez niet bij mijn familie zal zijn, breekt mijn hart
Het naderende Noroez, het Perzische nieuwjaar (dat samenvalt met de publicatiedatum 20 maart, red.), maakt de situatie nog zwaarder. “Ik heb een heel hechte band met mijn moeder. De gedachte dat ik dit jaar niet bij mijn familie zal zijn, breekt mijn hart”, zegt hij.
Sarvin deelt dat gevoel. “Ik had niet verwacht dat mijn eerste Noroez buiten Iran zo afstandelijk en emotioneel zwaar zou voelen. Traditioneel is Noroez een viering van samenzijn – familie, warmte, gedeelde rituelen en de troostende aanwezigheid van dierbaren. Dit jaar kunnen we niet samenkomen, geen tafel delen, elkaar zelfs niet via een scherm zien zoals vroeger – en dat voelt diep eenzaam.”
Noodfonds
Voor veel Iraanse studenten aan de TU/e komt de onrust in hun thuisland niet alleen emotioneel hard aan, maar bedreigt die ook hun financiële situatie. Edith Snelders, hoofd van het Universiteitsfonds en verantwoordelijk voor het noodfonds voor studenten, geeft een toelichting.
“Sinds begin januari zien we opnieuw een flinke stroom aanvragen voor financiële hulp van Iraanse studenten.” De aanvragen gaan vrijwel altijd over het niet kunnen beschikken over voldoende geld, waardoor het betalen van collegegeld en de kosten voor levensonderhoud lastig wordt.
“Het gaat om potentieel veel geld, maar door de ontwikkelingen in de golfregio is moeilijk te voorspellen hoeveel precies”, zegt ze. “We zoeken naar een oplossing die passend is voor deze groep.”
Dialoogsessies
Student Diversity Officer Lara Hofstra is nauw betrokken bij de bijeenkomsten voor TU/e’ers die zich zorgen maken over de situatie wereldwijd. Zo worden er zogenaamde Listening Ear-inloopsessies bij De Zwarte Doos georganiseerd.
Niet alleen Iraanse en Israëlische studenten zijn welkom; ook andere studenten kunnen er terecht om te praten, van elkaar te leren en zorgen te delen. “Het mooie van de sessies is dat we vaak in kleine groepjes samenkomen om gewoon te praten, verhalen te delen en ook geschiedenis uit te leggen.”
Soroush woonde deze dialoogsessies bij en vindt ze enorm waardevol. “Het feit dat je je verhaal kwijt kunt en dat er echt naar je wordt geluisterd, helpt enorm. Na afloop voelde ik me minder gestrest en eenzaam.”
De behoeften die tijdens deze sessies naar voren kwamen, vormen de basis voor een nieuwe reeks van zes bijeenkomsten, begeleid door een dialoogbegeleider. Deze sessies richten zich onder meer op het beter begrijpen van de verschillende manieren waarop mensen met stress omgaan, zoals humor, activisme of juist terugtrekking. Ook is er aandacht voor het versterken van de onderlinge verbondenheid en het omgaan met complexe emoties zoals schuldgevoel, verdriet en boosheid.
“We willen Iraniërs tijdens deze sessies handvatten bieden voor vragen waar ze mee worstelen, zoals hoe je omgaat met survivor’s guilt (schuldgevoel omdat je zelf veilig bent terwijl anderen lijden, red.) en hoe je je kunt blijven richten op je eigen leven, ondanks alles wat er op de achtergrond speelt”, aldus Hofstra.
Durven vragen om hulp
Hofstra benadrukt dat studenten altijd bij hun academic advisors terechtkunnen voor ondersteuning. Ze merkt echter dat sommige Iraanse studenten het lastig vinden om hulp te vragen, bijvoorbeeld door verlegenheid, shock of simpelweg omdat ze daar niet aan gewend zijn. Soroush bevestigt dit: ook hij vindt het moeilijk om hulp te vragen en wacht liever af.
Volgens Hofstra is het juist essentieel dat studenten zich zo snel mogelijk melden. “Via deze sessies willen we studenten geruststellen en laten zien dat het echt oké is om hulp te vragen, zodat we meteen de juiste ondersteuning kunnen bieden.”
De woordvoerder van de universiteit voegt daaraan toe: “Het is belangrijk om te benadrukken dat we in de ondersteuning geen onderscheid maken naar nationaliteit. Studenten en medewerkers die zich zorgen maken over de wereldsituatie – uit het Midden-Oosten of andere regio’s – kunnen allemaal bij ons terecht voor ondersteuning.”
Hofstra onderstreept het belang van verbondenheid, zeker in moeilijke tijden. “Vaak is het al genoeg om te luisteren of een warme knuffel te geven om iemand een hart onder de riem te steken”, zegt ze. “We zijn een community, en dan zorgen we voor elkaar. Het hoeft echt niet ingewikkeld te zijn.”


Discussie