Adviesraad pleit voor strengere selectie aan de poort

Universiteiten en hogescholen moeten zich sterker profileren. Om daar de bijbehorende studenten voor aan te trekken, moeten ze meer mogelijkheden krijgen om te selecteren aan de poort, stelt de Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie (AWTI).

door
foto Shutterstock

Het Nederlandse hoger onderwijs en onderzoek behoort tot de wereldtop, maar dat dreigt te veranderen, schrijft de Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie (AWTI) in het advies dat vandaag wordt aangeboden aan minister Ingrid van Engelshoven.

Instellingen durven zich met hun onderwijs en onderzoek nauwelijks te onderscheiden van de rest. Dat heeft veel te maken met hun financiering. “Ze worden beloond als ze groeien in studentenaantallen en als ze zoveel mogelijk bronnen van financiering voor onderzoek najagen. Ze gaan daardoor steeds meer op elkaar lijken en werken onvoldoende samen”, zegt AWTI-raadslid Sjoukje Heimovaara.

Mismatch

Daarnaast lukt het hogescholen en universiteiten onvoldoende om studenten op de juiste plek te krijgen. “Er is een mismatch tussen opleidingen en de arbeidsmarkt”, zegt Uri Rosenthal, voorzitter van de AWTI. Zo zijn er te weinig afgestudeerden in sectoren als bèta en techniek en hebben instellingen door capaciteitsgebrek soms moeite om voldoende studenten op te leiden. Anderzijds leveren de studies zoals taal, cultuur, gedrag en maatschappij te veel mensen op die geen werk kunnen vinden.

Universiteiten en hogescholen moeten daarom een duidelijk profiel kiezen: waar zijn ze goed in en wat zijn hun concrete plannen? Om daar vervolgens de juiste studenten voor aan te trekken, moeten vooral de bacheloropleidingen meer kunnen selecteren, vindt de adviesraad. Nu gebeurt dat alleen bij opleidingen met een numerus fixus, bij 'kleinschalige en intensieve' studies en bij masteropleidingen.

Beloning

Wie zich sterk profileert, moet daarvoor worden beloond. Daarom pleit de AWTI voor ‘profielbekostiging’: een deel uit de eerste geldstoom (tussen de vijf en dertig procent) moet worden gekoppeld aan het realiseren van het gekozen profiel.

De adviesraad wil de controle daarvan overlaten aan een centraal toezichtsorgaan dat “een buffer vormt tussen de politiek en de autonome instellingen”. Het is aan de minister om een duidelijke maatschappelijke opdracht voor het hoger onderwijs te formuleren en die regelmatig aan te scherpen.

Verbaasd

De Vereniging Hogescholen is verbaasd over dit deel van het advies. “De aanbevelingen berusten op centralistische planvorming, waarvan is aangetoond dat die niet werkt.” Binnenkort komt de VH samen met de universiteiten met voorstellen voor de toekomst van het hoger onderwijs.

Of er een politieke meerderheid is te vinden voor meer selectie aan de poort is de vraag. Partijen zetten daar de laatste jaren steeds vaker vraagtekens bij. Ze vrezen dat het sociale ongelijkheid in de hand werkt. Ook studenten zijn niet automatisch positiever over studies met een selectief deurbeleid. Kleinschaligheid lijkt nog altijd een betere voorspeller van kwaliteit.

Competitie

Op het gebied van onderzoek is er volgens de AWTI eveneens te weinig profilering. Oorzaak hiervan is een permanent gebrek aan geld, en het feit dat de schaarse middelen via competitie worden verdeeld. Instellingen zetten volgens de raad te vaak in op een zo breed mogelijk onderzoeksprofiel om op die manier zo veel mogelijk geld binnen te halen.

Ook wordt Nederland steeds meer een doorgangsland voor wetenschapstalent. De echte toppers vasthouden lukt vaak niet meer. Zij vertrekken mede vanwege de meer en stabielere financiering naar landen als Zwitserland en de VS.  Ook Duitsland heeft in de afgelopen jaren via de Humboldtprofessoraten diverse topwetenschappers van ons land afgesnoept. Zo vertrok begin 2018 aan de TU/e universiteitshoogleraar Wil van der Aalst met zo'n prestigieuze wetenschapsbeurs naar de Rheinisch-Westfälische Technische Hochschule (RWTH) in Aken.

Deel dit artikel via je socials