En hoe is het in Singapore?

Studeren, extracurriculaire activiteiten doen en netwerken. Maar ook reizen, feesten, en nieuwe vrienden maken. In drie maanden tijd is ‘the Lion City’ mijn nieuwe thuis weg van huis geworden.

door
foto Tim Wiersma

Samen met acht andere studenten van de TU/e heb ik de sprong gewaagd: we zijn verhuisd naar Singapore. Na een lang, bureaucratisch aanmeldingsproces zijn we dan ook eindelijk op de National University of Singapore (NUS) begonnen met studeren. Ze werken hier met twee semesters in het collegejaar en je cijfers worden gebaseerd op de Bell Curve, waarbij je  een cijfer krijgt ten opzichte van de klas. Maar dit zijn niet de enige verschillen die ons opvallen.

Met de tentamens die voor de deur staan aan het einde van deze maand kijk ik met veel plezier terug op de afgelopen maanden. Waar vele uren werden versleten in de Central Library op het campusterrein, zijn er ook stamkroegen ontstaan in Chinatown en Holland Village. Terwijl het daar erg gezellig is met je eigen groepje, kan je hier ook bevriend raken met studenten van andere universiteiten. Maar voor het groeien van je professionele netwerk moet je toch echt in het zakendistrict zijn in de buurt van Marina Bay Sands. Als je weet waar je moet zijn kom je hier gemakkelijk in contact met de vice-presidents van internationale bedrijven.

Trips

Enfin, hoe zit het dan met je vrije tijd? Kennen ze dat in Singapore überhaupt? De vooronderstelling dat mensen hier hard werken klopt gedeeltelijk. Zo zie je geregeld mensen slapen tijdens het studeren zodat ze weer kunnen doorgaan. Echter zie ik bij mijn Nederlandse vrienden dat we hetzelfde werk in minder uren maken zodat we in het weekend tripjes kunnen maken. Zo zijn we al naar veel plekken gereisd, onder meer Thailand, Indonesië, Maleisië en Hongkong.

Cultuurverschillen

Hierdoor zijn onze ogen geopend en er vallen nu veel culturele verschillen op. Een voorbeeld hiervan op campus is de focus op visualisatie. Zo hoor ik van de TU/e-studenten die opleidingen doen als ID, Bouwkunde en Urban-design dat de professoren hier veel meer focussen op het presenteren van ideeën. Zelf merk ik bij colleges weinig verschil en merk ik dat de professoren ongeveer net zo benaderbaar zijn als in Eindhoven.

Daarnaast is het collectieve cultuur-aspect wel anders dan binnen de Nederlandse cultuur. Dit zie je terug in kleine dingen als eten waarbij mensen niet veel koken, maar veel kleine hapjes bestellen en hier samen van eten. Maar ook in landelijke en organisationele besluiten zie je dit terug, zoals het demerit-point systeem. Dit systeem wordt toegepast voor het algemeen belang van de bevolking. Het idee is dat iedere overtreding strafpunten geeft. Zo wordt de gemiddelde autobestuurder in het gareel gehouden, want bij te veel punten verlies je je rijbewijs. Ook op de NUS wordt dit toegepast, waarbij je bij te veel demerit-points uitgeschreven wordt. Voor de Nederlandse student is dit haast niet te geloven.

Met nog een maand voor de boeg staat nu een spannende tijd voor de deur. We zullen onszelf nu echt moeten bewijzen. Maar gelukkig staat daarna een mooie beloning voor de deur in de vorm van verder reizen door het prachtige Zuidoost-Azië.

Deel dit artikel via je socials