GroenLinks wil 700 extra studentenkamers voor 2021

Over vijf weken loopt het acht jaar oude Convenant Studentenhuisvesting voor de stad Eindhoven af. GroenLinks dient vanavond in de raadsvergadering een motie in, waarin de fractie aandringt voor april 2020 een nieuw convenant klaar te hebben. Volgens raadslid Eva de Bruijn, tevens alumna van de TU/e, is snelheid noodzakelijk om de urgente problemen op de kamermarkt aan te pakken. In het convenant moet onder meer worden vastgelegd dat nog voor 2021 in Eindhoven zevenhonderd betaalbare kamers worden bijgebouwd.

door
foto Woonbedrijf

“De tijd van vingerwijzen naar elkaar is voorbij, een nieuw convenant voor studentenhuisvesting moet concrete afspraken opleveren voor de korte en de lange termijn”, zegt De Bruijn, die anderhalf jaar geleden afstudeerde bij Industrial Design en sindsdien raadslid is voor GroenLinks. De afgelopen jaren zijn in Eindhoven de tekorten op de kamermarkt aanzienlijk toegenomen en daarom heeft het samenwerkingsproces tussen alle betrokken partijen volgens het raadslid nu een stevige versnelling nodig heeft.

De Bruijn: “Gedurende de looptijd van het bestaande convenant (van 2012 tot 2020, red.) is er heel wat veranderd voor de kamerverhuurmarkt. Zo hebben kennisinstellingen als de TU/e en Fontys in die periode een enorme groei van hun studenteninstroom doorgemaakt, en daarmee nam ook de vraag naar studentenkamers toe.” In Eindhoven groeide sowieso de vraag naar betaalbare woonruimte, en dan niet alleen voor studenten, ‘maar ook voor thuiswonende senioren, arbeidsmigranten, cliënten uit zorginstellingen, statushouders, alleenstaanden en gebroken gezinnen’, zo valt te lezen in de motie van GroenLinks, die vanavond, 26 november, aan bod komt in de raadsvergadering. Daar stemt de raad over nieuwe regels voor kamerverhuur en woningsplitsing. Volgens De Bruijn nog een factor die heel wat impact op de kamerverhuur zal hebben.

Aanvullende vraag

Voor studenten alleen al verwacht men in Eindhoven voor 2023 een aanvullende vraag naar kamers tot een aantal van 3.886, zo bleek uit een presentatie in februari van dit jaar. GroenLinks baseert zich hierbij op de enquête ‘Wonen als Student - betaalbaarheid 2018’ uit de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting.

Nog voor april van het komend jaar moet daarom een nieuw Convenant Studentenhuisvesting voor de jaren 2020-2025 worden opgesteld, zo stelt GroenLinks. De partijen die hiervoor om tafel moeten zijn de gemeente, de kennisinstellingen, de woningbouwcorporaties, vastgoedeigenaren, werkgevers, huurders, verhuurders en buurtbewoners. GroenLinks vindt dat er al voor 2021 minimaal zevenhonderd (tijdelijke) betaalbare kamers moeten zijn bijgebouwd voor studenten, die maximaal 450 euro per maand mogen kosten, exclusief huursubsidie. Om dit even in perspectief te plaatsen ten opzichte van het oude convenant: daarin werd toen afgesproken om in acht jaar tijd in totaal vijftienhonderd wooneenheden voor studenten bij te bouwen. GroenLinks wil nu dus bijna de helft daarvan gebouwd zien worden in de periode van slechts één jaar. 

Maatwerk

In het nieuwe convenant moeten duidelijke kwantitatieve afspraken worden gemaakt, onder meer over de vraag en het aanbod van betaalbare studentenkamers en over het jaarlijkse groeipad dat daarbij gevolgd gaat worden. GroenLinks wil ook dat vraag en het aanbod halfjaarlijks wordt gemonitord, en dat bij disbalans de partners in samenspraak het groeipad bijsturen en zo nodig bij vergunningsaanvragen maatwerk op de regels toepassen. Ook moeten kwalitatieve afspraken worden gemaakt op het gebied van goed huurderschap, goed verhuurderschap en het samen leven in een buurt. De afspraken in het convenant moeten jaarlijks geëvalueerd worden en worden teruggekoppeld naar de gemeenteraad.

Vanavond zal ook CDA-raadslid Niels Groot een motie indienen, waarin hij aandringt op de intensivering van de onderhandelingen tussen de gemeente en de TU/e en Fontys om te onderzoeken wat op de campussen van beide instellingen mogelijk is op het gebied van het bouwen van studentenwoningen. Groot wil dat beide instellingen hun verantwoordelijkheid nemen voor de huisvesting van hun studenten en daarom dienen ze grond beschikbaar te stellen voor externe partijen om studenteneenheden te bouwen.

Deel dit artikel via je socials