TU/e verhoogt instellingsgeld niet-EER-student met 3000 euro

Een studiejaar aan de TU/e wordt ruim drieduizend euro duurder voor studenten van buiten de Europese Economische Ruimte (EER). Daarmee gaat een bachelorjaar hetzelfde kosten als een masterjaar. De verhoging gaat in 2027-2028 in voor nieuwe studenten. De universiteit wil met de maatregel de bachelorinstroom beheersen.

door
foto Lydia van Aert / iStock FPM

Het nieuwe tarief van 22.400 euro geldt alleen voor nieuwe niet EER-studenten die in studiejaar 2027-2028 starten met hun opleiding, niet voor zittende studenten. De huidige eerste- en tweedejaarsstudenten betalen een lager instellingstatief tot 31 augustus 2030, dat 19.200 euro bedraagt. 

Het instellingsgeld was op 26 maart 2026 vastgesteld op 19.200 euro voor niet-EU/EER-bachelorstudenten voor collegejaar 2027-2028. Het gaat hierbij om studenten die niet uit een van de 27 EU-lidstaten, IJsland, Liechtenstein of Noorwegen komen.

Volgens de TU/e is het bedrag voor het instellingsgeld in juli aangepast. De wijziging komt door de toenemende instroom van bachelorstudenten. Die is over de afgelopen drie jaar met 7 procent is gestegen. De huidige vooraanmeldingen laten wederom een stijging zien.

“Capaciteit bereikt”

“De TU/e heeft daarmee haar capaciteit voor bachelorstudenten bereikt”, laat ESA schriftelijk weten. “De TU/e streeft er namelijk naar de masterinstroom te verhogen, terwijl gelijktijdig het aantal inschrijvingen voor bacheloropleidingen op peil wordt gehouden.”

Maatregelen om de groei van de instroom bachelorstudenten te beperken, waren daarom “noodzakelijk”, meldt ESA. Om een bacheloropleiding “minder aantrekkelijk” te maken voor niet EER-studenten, is ervoor gekozen om het niet-EER tarief voor bacheloropleidingen gelijk te trekken aan de masteropleidingen.

Inperken

De TU/e loopt met een snel groeiend aantal bachelorstudenten tegen financiële en praktische grenzen aan. De universiteit streeft daarom op meerdere manieren naar het inperken van de instroom bachelorstudenten. Zo krijgen sommige faculteiten een numerus fixus. Andere faculteiten zoeken nog naar alternatieve manieren om het studentenaantal stabiel te houden.  

Tegelijkertijd zet de universiteit in op groei in het aantal masterstudenten in semicon-gerelateerde opleidingen. Vanuit project Beethoven, een plan om meer talent op te leiden voor de hightechindustrie in deze regio, krijgt de universiteit financiële middelen. De universiteit wil in 2030 meer dan 1900 extra masterstudenten hebben aangetrokken. 

Deel dit artikel