door

Het burgerlijke bestaan

01/04/2014

Ik ga samenwonen. Zo, dat is eruit. Geen 1-aprilgrap hier.

Voor vele studenten is het schijnbaar een taboe, terwijl het voor anderen slechts het einde van hun leven is. Hun leuke leven althans, want het burgerlijke bestaan roept zodra je gaat samenwonen. Het bestaan zonder feestjes, flexibiliteit en frivoliteiten.

Qua reacties kun je samenwonen vergelijken met een terminale sociale ziekte: “Ja jongen, dit was het dan: je wordt een burger!”, “Nou, geniet er dan nog maar eventjes van hè!” en -echt waar- “Huh, daar heb jij toch geen aanleg voor? Had ik nooit bij jou gedacht.”

Maar wie of wat is die burger dan? Ik hoor dan wel eens: “Ik kom niet bij de McDonald’s want daar zijn burgers.” Maar hoewel maximaal bijlenende prominente pikken anders pretenderen, ligt het dedain rondom de burger niet aan geld maar aan tijdsbesteding. Burgers moeten op zaterdag boodschappen doen, de hond uitlaten en op tijd naar huis.

Zo zag ik laatst een advertentie voor een kamer dat dit onderstreepte. Buiten het standaardgeleuter over samen eten en ‘niks moet en alles mag’, trok de volgende zin de aandacht: “we zijn tijdens de tentamenweken [..] in het MetaForum te vinden om de opgelopen schade in te halen.” De opgelopen schade… als student ben je dus slechts acht weken per jaar productief.

Volgende week beginnen de tentamenweken weer. Als rancuneuze, bijna-belastingbetalende burger heb ik geen medelijden meer. Nee, jullie zakken er allemaal maar in studentjes. Met jullie luizenleventjes.

Terwijl jullie studeerden voor schlemielige toetsjes had ik afgelopen weekend 20% kluskorting bij de Gamma, repte ik met Zweedse vrienden over ‘Villa, Volvo, vovve’ -huisje, autootje en beestje- en moest ik kiezen tussen een inbouwkookplaat en gasfornuis. En verdorie, ik ben er trots op!

Toch; het is wel een beetje raar, pas 24 jaar. Nu al trillend op mijn benen, het studentenleven bijna verdwenen.

Deel dit artikel