Zelfde code, ander perspectief
Het is niet verstandig je handtekening onder een document te zetten zonder het eerst kritisch te lezen. Dat was dan ook wat Jan Vleeshouwers deed bij de nieuwe gedragscode (of code of conduct) van de TU/e.
De plotselinge actie van ons College van Bestuur om iedereen via InSite op te dragen de TU/e Gedragscode te ondertekenen, heeft veel mensen verbaasd. Ik begrijp dat één van de ideeën erachter is dat het ons aanzet de code nog eens zorgvuldig te lezen. Dat kan geen kwaad, maar daarna zou er ook gepraat moeten worden over hoe de code beter kan. Een voorzetje hieronder.
De TU/e vraagt ons allemaal de TU/e Gedragscode te ondertekenen, en zet daar wat druk op door ons allemaal via InSite een taak toe te bedelen, waar we regelmatig aan herinnerd worden. Maar even nadenken voordat je ondertekent, mag wel. Want wat onderteken je precies?
De gedragscode is in elk geval nooit opgesteld met het idee dat die ondertekend moet worden. De code is opgesteld om voor onszelf, voor de TU/e, een aantal basiswaarden te formuleren, waarop we kunnen terugvallen voor ander, meer concreet beleid. Het is dan handig die waarden expliciet in één document te hebben, en niet verspreid over meerdere plekken.
Het is nooit de bedoeling geweest dat er speciale dingen in staan. De tekst vergaart een aantal voor de hand liggende waarden, waarden die door hun vanzelfsprekendheid zelden op ons netvlies staan, en waarvan iedereen zegt ‘maar natuurlijk’.
Op deze manier heb ik, als vertegenwoordiger van de vakbonden, de code gelezen toen die opgesteld werd. De vraag was: is dit goed genoeg? Dat was zo, wat mij betreft.
Nu er handtekeningen onder komen te staan, is het nodig om hem te herlezen. Want de vraag is nu: onderschrijf ik dit? Dat vraagt om een ander soort kritiek.
En als we het dan toch over kritiek hebben: hier zit meteen de grootste tekortkoming van de code in mijn ogen. Hij vraagt niet om een kritische houding. Dit is natuurlijk een vanzelfsprekendheid in een universiteitsgemeenschap, maar waarom staat het er niet?
Verder zie ik nog een andere grote tekortkoming in de code, of meer een gemiste kans eigenlijk. Bijna aan het eind staat een paragraaf over ongewenst gedrag, en die is expliciet: we tolereren ‘geen enkele vorm van ongewenst gedrag of integriteitsschending’.
De code gaat even verderop ook in op hoe dat moet: door een ‘kritische, maar respectvolle reflectie of feedback op iemands gedrag’. Dit is misschien wel het belangrijkste mechanisme om te zorgen dat gewenst gedrag ook feitelijk gedrag wordt.
De TU/e promoot al jaren de ‘Active Bystander Training’, en dat is heel goed: de eerste reactie moet komen van de omstanders. Maar verrassend genoeg wordt deze respectvolle feedback niet gevraagd van de ondertekenaar van de code.
In plaats daarvan volgt een waarschuwing om vooral voorzichtig te zijn, iemand aanspreken is alleen ‘raadzaam’. Natuurlijk is feedback geven en krijgen moeilijk, maar we steken toch onze kop in het zand als we dit alleen maar raadzaam vinden?
In mijn versie van de code heb ik dit alvast gecorrigeerd, en daarna heb ik er mijn handtekening onder gezet.
Jan Vleeshouwer is beleidsmedewerker onderzoek bij de faculteit Electrical Engineering. Hij schrijft deze opinie op persoonlijke titel.
Foto | privébezit

Discussie